1. Organische mest is dierlijke mest (incl. weidemest) en overige organische mest (bv. compost). Bij compost is een verbeterpunt om aanvoer van compost over meerdere (toekomstige) jaren te verdelen omdat de N langzaam beschikbaar komt.
2. Met de term netto-mineralisatie wordt de verandering van de totale N-bodemvoorraad bedoeld. Op dit moment wordt deze alleen voor organische gronden ingerekend via een vaste forfaitaire waarde (KLW melkveehouderij). Op minerale gronden wordt dit vooralsnog niet gedaan. Op dit moment wordt gewerkt aan de inbouw van de C-balans in de KLW Melkveehouderij waarin de verandering van de bodemvoorraad wordt berekend. Hieruit kan mogelijk ook de verandering van de N-voorraad worden afgeleid.
3. Gewasresten worden binnen de KringloopWijzer voor melkveehouderij tegen elkaar weggestreept. Dat is geen probleem zolang het bouwplan op bedrijfsniveau enigszins gelijk blijft.
4. Zowel in de Kringloopwijzer als in de Nutrientenbalans akkerbouw wordt zaai-, plant- en pootgoed nog niet in beeld gebracht.
5. Het bodemoverschot wordt uiteindelijk berekend door het verschil tussen aan- en afvoer te delen door alle hectares van het bedrijf. Erf- en opstallen worden niet meegenomen, natuurgrasland wel. Het gaat om de beteelde oppervlakte van de percelen. Randen en landschapselementen waar geen aan- en afvoer plaatsvindt worden niet meegenomen.